Hij zat bijna op zijn hurken, achterover geleund en steunend op een arm om een makkelijk uitzicht op de aarde te hebben, die nu halverwege het zenit was. Nu kwam hij overeind met een polsbeweging die keurig was afgestemd op de dromerige zwaartekracht van de maan en hij keek om zich heen.

Het sterrenlicht en de ringgloed tintten de donkergrijze stofvlakte een bronzen kleur. De vlakte was muiszacht, een mengsel van poedervormig puimsteen en magnetisch ijzeroxide.

Vroeger toen Cromwells Nieuwe Modelleger Engeland regeerde had Hevelius deze krater het Grote Zwarte Meer genoemd. Maar zelfs in helder zonlicht zou Don de wanden van Plato niet hebben kunnen zien. Deze ronde wal van anderhalve kilometer hoog, in het oosten, noorden, zuiden, en westen vijftig kilometer van hem vandaan, werd verborgen door de kromming van het maanoppervlak, die scherper was dan die van de aarde.

Dezelfde nabije horizon verborg de onderste helft van de Hut, die slechts driehonderd meter verder lag. Het was een prettige steun om die vijf kleine, gloeiende patrijspoorten te zien op de rand van de donkere vlakte en het sterrenveld — en daarnaast, afgetekend tegen het licht van de sterren, de afgeknotte kegels van de drie raketschepen van de basis, die hoog op hun drie landingspoten stonden.

‘Hoe gaat het in het duistere donker?’ vroeg Johannsens stem zacht in zijn oor.’Roger en over.’

‘Warm en pittig. Suzie laat je groeten,’ antwoordde Don. ‘Roger aan jou.’

‘Buitentemperatuur?’

Don keek omlaag naar de van een lensglaasje voorziene fluorescerende wijzerplaten onder zijn vizier. ‘Daalt onder de 200 Kelvin,’ antwoordde hij. Zijn opgave, uitgedrukt in de absolute temperatuurschaal, kwam overeen met een waarde van bijna precies 73 graden onder nul op de schaal van Celsius, die al in ruime mate in de Engelssprekende gebieden werd gehanteerd.

‘Werkt je SOS?’ ging ‘Johannsen verder.

Don raakte een andere pal aan met zijn tong en een zwak muzikaal geweeklaag vulde zijn helm. ‘Luid en duidelijk, mijn kapitein,’ zei hij zwierig.



12 из 401